De Raad voor Werk en Inkomen betwijfelt of de voor 2006 beoogde volgroeide Structuur uitvoering werk en inkomen (Suwi) er dan al volledig zal staan. In 2002 is de nieuwe uitvoeringstructuur voor de sociale zekerheid formeel van start gegaan, waarbij onder meer CWI en UWV in het leven zijn geroepen. Maar halverwege start en evaluatie is de samenwerking en afstemming tussen UWV, gemeenten en CWI nog verre van optimaal en is de klantgerichtheid van de nieuwe uitvoeringsketen nog onvoldoende. Met de introduktie in 2004 van de nieuwe bijstandswet (WWB) is bovendien een nieuwe situatie ontstaan die op onderdelen een herijking van de samenwerking vergt. De RWI adviseert om CWI, UWV en gemeenten meer mogelijkheden te geven om regionaal of lokaal de samenwerking naar eigen inzicht in te richten en daarover met elkaar zakelijke afspraken te maken. De Raad is het met de minister van SZW eens dat er al veel ten goede is veranderd, maar deelt niet zijn optimisme dat de beoogde, klantgerichte keten van werk en inkomen er in 2006 zal staan. De uitvoeringsstructuur staat onder grote druk; hoge werklast en wetswijzigingen vragen veel aandacht. Gemeenten, UWV en CWI werken op veel punten nog niet goed genoeg samen. De mogelijkheden van ICT worden daarbij nog onderbenut. Hierdoor worden kansen gemist om werkzoekenden en werkgevers nog beter van dienst te zijn met snelle en goede bemiddeling en reïntegratie. De Raad vindt dat partijen elkaar nauwer moeten betrekken bij elkaars bedrijfsvoering en meer samen moeten werken aan een gecoördineerde inzet van middelen. Door ook meer zakelijke afspraken toe te staan in de samenwerking, kunnen gemeenten, CWI en UWV elkaar onderling aanspreken en afrekenen op het al dan niet nakomen van onderlinge werkafspraken. De Raad merkt op dat nu vooral gemeenten financiële prikkels ondervinden, via de Wet Werk en Bijstand. Gemeenten zouden via financiële afspraken met CWI en UWV die prikkels moeten kunnen doorgeven. Met de invoering van de WWB is immers het belang van gemeenten bij een goede taakuitvoering door CWI en UWV sterk toegenomen, waarbij alleen de gemeenten de financiële risico’s dragen. Daarbij vindt de RWI ook dat er in de verschillende regio’s meer experimenteerruimte en vrijheid moet zijn om bestaande uitvoeringsknelpunten op te lossen. De RWI adviseert om de bestaande experimenteerregeling Suwi te verruimen zodat gemeenten, CWI en UWV in goed onderling overleg zogewenst uitvoeringstaken anders kunnen verdelen. De RWI wil dat CWI, UWV, gemeenten en ministerie SZW nog dit jaar hierover nieuwe afspraken maken. In die afspraken moet de klantgerichte dienstverlening in de regio centraal staan. Daarvoor is het nodig dat CWI en UWV meer ruimte geven aan hun decentrale managers om op de regio toegesneden werkafspraken te kunnen maken. In die afsprakenset moet beter duidelijk worden wat de landelijke en regionale beslisruimte is en wie voor welke werkprocessen in de keten verantwoordelijk is. Ten aanzien van de Suwi-keten als geheel is die verantwoordelijkheid niet voldoende belegd. Op landelijk niveau signaleert de RWI dat de minister van SZW ten aanzien van afzonderlijke gemeenten, UWV en CWI soms sterk op details stuurt, maar afwachtend is als het gaat om de ontwikkeling en de prestaties van de Suwi-structuur als geheel. De RWI vindt dat de rijksoverheid en de politiek afstand moeten houden van uitvoeringszaken en vooral op resultaten moet letten, maar juist wel meer sturing moet geven aan thema’s die voor de Suwi-keten als geheel van groot belang zijn. Het ministerie moet zich vooral sterker richten op een actieve ondersteuning van samenwerkingsprocessen. Onder meer zou het ministerie meer nadrukkelijk het voortouw moeten nemen bij de schets en de opzet van een complete en adequate informatiehuishouding voor Suwi. De RWI wijst erop dat UWV momenteel hard werkt aan een nieuwe verzekerden- of polisadministratie, maar dat het niet precies duidelijk is hoe die nieuwe, omvangrijke database precies op het geheel van de informatiehuishoudingen in de Suwi-keten en daarbuiten moet gaan aansluiten. Meer informatie vindt u in advies: Ketensamenwerking en –informatisering Suwi (Pdf-bestand 346 Kb) en het onderzoeksrapport Samen aan het werk: de praktijk van ketensamenwerking (Pdf-bestand 280 Kb). De Raad voor Werk en Inkomen is het overleg- en adviesorgaan van werkgevers, werknemers en gemeenten. De RWI adviseert de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over arbeidsmarktbeleid. Doel van deze adviezen is een goed functionerende arbeidsmarkt te bevorderen. Een andere taak is het vergroten van transparantie en kwaliteit op de reïntegratiemarkt.