Het kabinet neemt een groot aantal voorstellen op sociaal-economisch gebied van de Raad voor Werk en Inkomen (RWI) over. Dat blijkt uit de kabinetsreactie op het eerste beleidskader van de RWI, die minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Het op 1 januari 2002 ingestelde adviesorgaan van vertegenwoordigers van werknemers, werkgevers en gemeenten publiceerde het beleidskader op 2 april.
Het kabinet constateert met waardering dat de RWI er in de korte tijd van zijn bestaan in is geslaagd in dit eerste beleidskader op een breed terrein met pragmatische voorstellen te komen.
Met betrekking tot uitstroom uit de WAO doet de RWI een drietal voorstellen waarop het kabinet nu nog geen standpunt bepaalt, maar die het met een positieve grondhouding wil betrekken bij de totstandkoming van de nieuwe WAO-structuur. Het kabinet neemt een aantal andere voorstellen wel direct over. Dat geldt voor het voorstel om een centrale en laagdrempelige informatie- en verwijsfunctie in te richten voor mensen die langdurig een WAO-uitkering ontvangen en gemotiveerd zijn om weer aan het werk te gaan. Ook staat het kabinet positief tegenover het RWI-voorstel om huidige WAO-ers recht te geven op advies en op activiteiten gericht op werkhervatting.
Niet alle voorstellen van de RWI zijn gegeven de budgettaire beperkingen haalbaar, zoals de voorstellen voor verdere fiscale facilitering van scholing. Wel staat het kabinet positief tegenover het voorstel van de RWI om EVC (Elders Verworven Competenties) fiscaal aftrekbaar te maken binnen de scholingsfaciliteit. Bij EVC gaat het om het herkennen en erkennen van kennis en vaardigheden die in het werk, thuis of in het vrijwilligerswerk zijn verworven. EVC-assessment is een betrekkelijk nieuw en zich ontwikkelend instrument. Met de RWI acht het kabinet het gewenst dat dit in meer sectoren en op grotere schaal toepassing gaat vinden.
De RWI stelt voor om de ‘armoedeval’ (het verschijnsel dat bijstandsgerechtigden er door het wegvallen van subsidies en kwijtscheldingen soms niet op vooruitgaan als ze werk aanvaarden) gefaseerd aan te pakken. Het kabinet is het daarmee eens en heeft in het Strategisch Akkoord een aanpak aangekondigd. Onderdeel daarvan is de gefaseerde verhoging van de arbeidskorting.
Het voorstel om maximale arbeidskorting al uit te keren bij 70 procent van het wettelijk minimumloon wordt niet overgenomen. Het kabinet is het met de RWI eens dat van een dergelijke maatregel een prikkel kan uitgaan (laagbetaald) werk te aanvaarden, maar kiest ervoor de beschikbare middelen in te zetten vanaf 100 procent van het minimumloon. Ook het voorstel van de RWI de afdrachtvermindering lage lonen (SPAK) te handhaven en zo mogelijk te verbeteren, wordt niet overgenomen. Het kabinet kiest op grond van het Strategisch Akkoord voor een gefaseerde afschaffing van de SPAK en geleidelijke verhoging van de arbeidskorting.
De RWI stelt één fiscale subsidie voor bij indiensttreding van werklozen en arbeidsgehandicapten. Daarmee zouden de nu bestaande tijdelijke loonkostensubsidies (vermindering langdurig werklozen, WIW- werkervaringsplaatsen en REA-premiekorting) worden afgeschaft. Het kabinet verzoekt de RWI op korte termijn een geactualiseerd voorstel te doen tegen de achtergrond van het Strategisch Akkoord.
De RWI stelt voor om afhankelijk van de resultaten van onderzoeken na te gaan of invoering van een tijdelijke sollicitatieplicht voor 57,5-jarigen met recente werkervaring mogelijk is. Het kabinet is het met de RWI eens dat de arbeidsdeelname van oudere werknemers moet worden bevorderd en is positief over het voorstel van de RWI. In het SA is bepaald dat de sollicitatieplicht voor 57,5-jarigen weer zal worden ingevoerd. Bij de invoering zal rekening worden gehouden met de actuele situatie op de arbeidsmarkt. De door de RWI voorgestelde modaliteit is mogelijk een pragmatisch nadere invulling daarvan, die op uitvoeringstechnische aspecten moet worden bezien.
Ten aanzien van de gesubsidieerde arbeid is in het Strategisch Akkoord vastgelegd dat, met de komst van één ongedifferentieerd flexibel vrij besteedbaar reïntegratiebudget, gemeenten optimaal maatwerk kunnen bieden om werkzoekenden op persoonsgerichte wijze te begeleiden. De inzet van ID-banen voor maatschappelijke dienstverlening blijft binnen het beschikbare budget mogelijk.
Met de RWI is het kabinet van mening dat een goed functionerende reïntegratiemarkt noodzakelijk is om werklozen en arbeidsgehandicapten weer aan werk te helpen. De voorstellen van de RWI op dit terrein hebben vooral tot doel de transparantie van de markt te verbeteren.
Bij een aantal voorstellen die door het kabinet zijn overgenomen, is aan de RWI gevraagd nadere voorstellen te doen. Dit betreft onder andere de voorstellen om een jaarlijks streefcijfer te formuleren voor startkwalificatiescholing en om UWV en gemeenten te verplichten informatie publiek te maken over prijs, resultaat, doelgroep en de doorlooptijden van reïntegratietrajecten.
De volledige tekst van de kabinetsreactie op het beleidskader van de RWI en de rapportages over de positie van ouderen op de arbeidsmarkt staan op de internetsite van het ministerie van SZW: www.szw.nl (klikken op "Officiële publicaties" in de rechter knoppenbalk). Het beleidskader zelf is te vinden op deze site onder de button Publicaties